Samenvatting Belichtingsinstellingen

Belichtingsdriehoek

  • Bij iedere camera wordt het licht door de lens op de beeldsensor geprojecteerd. De beeldsensor bevind zich in de camera body vlak achter de lens en bestaat uit lichtgevoelige cellen die het licht omzetten in een digitaal beeld.
Spiegelreflexcamera, systeemcamera uitleg belichtingsinstellingen.
  • De manier waarop de beeldsensor wordt belicht is altijd een combinatie van drie factoren: Het Diafragma, de sluitertijd en de ISO-waarde, dit wordt de belichtingsdriehoek genoemd.
uitleg Belichtingsdriehoek, diafragma, sluitertijd, ISO-waarde. Les over belichtingsinstellingen.
  • Met het diafragma regel je de hoeveelheid licht
  • De sluitertijd bepaalt hoe lang de belichting duurt
  • Met de ISO-waarde bepaal je de lichtgevoeligheid van de beeldsensor.
  • De belichtingsdriehoek is een soort weegschaal die in balans moet zijn, verander je een van de drie pijlers dan heeft dat direct invloed op het licht.

Belichtingsinstellingen

De meeste digitale camera’s hebben minimaal 5 belichtingsinstellingen (belichtingsmodi) om de belichting te regelen:

  • Volledig automatisch
  • Halfautomatisch (P-stand)
  • Diafragmavoorkeuze (A-stand) (Av-stand bij Canon)
  • Sluitertijdvoorkeuze (S) (Tv-stand bij Canon)
  • Volledig handmatig (M).

Volledig Automatisch en P-stand

  • In de volledig automatische stand heb je helemaal nergens invloed op (behalve de compositie), de camera regelt alles.
  • In de P-stand regelt je camera de de sluitertijd en de diafragma instelling en kun je zelf de ISO waarde instellen, maar je kunt er ook voor kiezen om de ISO waarde op automatisch te zetten. In de P-stand heb je iets meer invloed maar nog steeds kun je hier creatief gezien niet veel mee.

De Creatieve Modus van je camera

Belichtingsinstellingen knop op camera, P. A, Av, S, Tv, M stand, uitleg.

In de creatieve modus van je camera kun je invloed uitoefenen op het diafragma, de sluitertijd en de ISO waarde.

  • In de A-stand (Av-stand, bij Canon) bepaal jij het diafragma en kiest je camera de sluitertijd, dit wordt de diafragmavoorkeuze stand genoemd. Met het diafragma regel je de hoeveelheid licht dat de beeldsensor bereikt. Met het diafragma bepaal je o.a welke gedeelte van de foto scherp in beeld komt en wel gedeelte onscherp, dit noem je de scherptediepte. De scherptediepte komt in de les over het diafragma uitgebreid aan bod.
  • In de S-stand (Tv-stand, bij Canon) bepaal jij de sluitertijd en kiest je camera het diafragma, dit wordt de sluitertijdvoorkeuze stand genoemd. Met de sluitertijd regel je hoe lang de beeldsensor wordt belicht. Met de sluitertijd kun je beweging bevriezen of je kunt juist beweging in je foto aanbrengen met een lange sluitertijd.
  • In de M-stand van je camera heb je invloed op alles, jij bepaalt het diafragma, de sluitertijd en de ISO waarde.